De elektronische identiteitskaart

Op de elektronische identiteitskaart (eID) staan persoonsgegevens op de kaart zelf maar ook op de elektronische chip. Als de zichtbare gegevens voldoende zijn om jou een dienst te verlenen, is het niet toegestaan is om de eID elektronisch te lezen. De gegevens op de chip mogen alleen gebruikt worden als dat echt noodzakelijk is en als het relevant is voor de geboden dienst.

Bijvoorbeeld: bepaalde scholen, kinderdagverblijven, etc. vragen om de eID of de Kids-ID voor te leggen bij het binnenkomen van het gebouw. Deze controle mag niet verder gaan dan het verifiëren van de identiteit en de informatie op de chip mag niet gelezen worden als dat niet noodzakelijk is.

Bovendien mogen de gegevens op de eID nooit gekopieerd worden, tenzij in enkele uitzonderlijke gevallen (de banken en de verzekeringsmaatschappijen zijn verplicht om de gegevens te kopiëren wanneer men klant bij hen wordt).

Voor wie is de eID?

  • Iedere Belg vanaf 12 jaar ontvangt een eID
     
  • Vanaf 15 jaar is het verplicht om altijd zijn eID bij te hebben.

Waartoe dient de eID?

Met de eID kan je officieel je identiteit bewijzen maar ook online communiceren met de overheidsdiensten.  

Welke gegevens staan er op de eID?

  • De gegevens die met het blote oog zichtbaar zijn
     
    • de naam, de twee voornamen, de eerste letter van de derde voornaam
       
    • de nationaliteit
       
    • de plaats en datum van geboorte
       
    • het geslacht
       
    • het nummer en de geldigheidsdatum van de eID
       
    • de foto
       
    • het rijksregisternummer
       
    • de handtekening
       
  • De gegevens die alleen elektronisch leesbaar zijn
     
    • het adres
       
    • het elektronische identiteitscertificaat waarmee men online zijn identiteit kan bewijzen (bijvoorbeeld om toegang te krijgen tot Tax on Web)
       
    • het certificaat van zijn elektronische handtekening dat men vanaf 18 jaar kan gebruiken om je identiteit te bewijzen